Ruim driekwart van de Belgische melkveehouders maakt via de afnemer van de melk aanspraak op een duurzaamheidspremie. Ook groeit het aantal bedrijven dat de eigen klimaatvoetafdruk laat berekenen. Dat blijkt uit het nieuwe Duurzaamheidsrapport 2025 van brancheorganisatie MilkBE.
MilkBE brengt in het nieuwe rapport de duurzaamheidsinspanningen van de Belgische melkveehouderij en zuivelindustrie in kaart. De organisatie doet dat via de Duurzaamheidsmonitor, die sinds 2014 wordt gebruikt. De monitor omvat inmiddels meer dan zeventig mogelijke duurzaamheidsinitiatieven, verdeeld over thema’s als diergezondheid, dierenwelzijn, energie, klimaat, water en bodem en diervoeding.
Volgens MilkBE kan inmiddels 77 procent van de Belgische melkveehouders aanspraak maken op een duurzaamheidspremie bovenop de standaardmelkprijs en eventuele andere premies. Daarnaast werden in 2025 1.839 klimaatscans uitgevoerd. Daarmee liet ongeveer een derde van de Belgische melkveehouders de individuele koolstofvoetafdruk van het bedrijf berekenen. Een jaar eerder waren dat 1.594 scans.
Veel aandacht voor energie en voerefficiëntie
Uit de Duurzaamheidsmonitor blijkt dat melkveehouders op verschillende terreinen maatregelen nemen. Zo produceert 70 procent van de bedrijven zelf groene energie, bijvoorbeeld via zonnepanelen, een pocketvergister of windmolen. Verder heeft 74 procent energiebesparende verlichting.
Ook op het gebied van voeding zijn verschillende duurzaamheidsmaatregelen breed toegepast. Zo geeft 79 procent van de melkveehouders aan actief te werken aan het verbeteren van de voerefficiëntie. Daarnaast zet 65 procent zoveel mogelijk eigen of lokaal geproduceerd ruwvoeder in en voert 69 procent nevenproducten uit de voedingsindustrie, zoals bierdraf en bietenpulp.
Dierengezondheid en welzijn
Ook diergezondheid en dierenwelzijn maken deel uit van de monitor. Van de deelnemende melkveehouders heeft 86 procent een contract met een vaste bedrijfsdierenarts. Veertig procent beschikt over een specifiek plan voor verantwoord antibioticagebruik en 65 procent volgt het celgetal van de koeien op gestructureerde wijze.
Op het gebied van dierenwelzijn meldt MilkBE dat 79 procent van de melkveehouders beschikt over vrijstaande stallen met voldoende comfort op het gebied van ruimte, ventilatie en verlichting. Bij 64 procent van de bedrijven zijn koeborstels aanwezig. Het gebruik van een applicatie of scoresysteem om dierenwelzijn te beoordelen ligt met 16 procent duidelijk lager.
Water en bodem
Driekwart van de melkveehouders laat volgens de monitor bodem en mest analyseren en koppelt daar een bemestingsadvies aan. Zestig procent maakt gebruik van alternatieve waterbronnen, zoals regenwater. Het hergebruik van spoelwater van de melkinstallatie gebeurt op 23 procent van de bedrijven.
MilkBE wil de duurzaamheidsinspanningen de komende jaren nog nauwkeuriger in beeld krijgen. Daarvoor is de Duurzaamheidsmonitor vernieuwd en gedigitaliseerd. Sinds begin 2026 is de applicatie DigiMilk in heel België operationeel. Melkveehouders kunnen daarin hun gegevens raadplegen, actualiseren en vergelijken met het sectorgemiddelde.
Ook zuivelindustrie verlaagt impact
Het rapport kijkt niet alleen naar de melkveehouderij. Ook de Belgische zuivelverwerkers hebben volgens MilkBE stappen gezet. Tussen 2014 en 2024 daalden zowel het energieverbruik, de CO2-uitstoot als het waterverbruik per liter verwerkte melk met 27 procent. Inmiddels komt 35 procent van het gebruikte water uit alternatieve bronnen, waaronder gezuiverd afvalwater en water dat tijdens de melkverwerking wordt teruggewonnen.
MilkBE benadrukt dat verdere verduurzaming investeringen voor de lange termijn vraagt. Volgens de brancheorganisatie is daarom een stabiel en rechtszeker beleidskader nodig, waarbij maatregelen ook praktisch uitvoerbaar zijn op het melkveebedrijf. De resultaten uit het rapport ziet de organisatie dan ook niet als eindpunt, maar als tussenstand.
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: beeldarchief Prosu BV




