Het stikstofdecreet legt aan rundvee-, varkens- en pluimveehouders reductiedoelstellingen op tegen eind 2030. Die doelstellingen worden berekend op basis van de referentiesituatie 2021, vertrekkend van de mestbankaangifte van productiejaar 2021.
Voor sommige bedrijven kan dit echter een vertekend beeld geven. Daarom voorziet het stikstofdecreet in een mogelijkheid tot afwijking van deze standaardberekening. Het besluit van de Vlaamse Regering bepaalt in welke gevallen, onder welke voorwaarden en volgens welke procedure een aangepaste referentie kan worden aangevraagd.
Voor melkveehouders kan dit bijzonder relevant zijn, bijvoorbeeld wanneer er de voorbije jaren werd geïnvesteerd of wanneer 2021 geen representatief productiejaar was.
Wanneer een afwijkende referentie aanvragen?
Er zijn drie hoofdredenen om een afwijkende berekening van de referentiesituatie 2021 aan te vragen.
1. Investeringen in dierplaatsen
Voor rundveehouders gaat het onder meer om:
Uitbreiding van vergunde dierplaatsen sinds 2016
→ Nieuwe referentie: vergunde dierplaatsen
Overname tussen 1 januari 2021 en 22 februari 2024
→ Nieuwe referentie: vergunde dierplaatsen
Overname tussen 1 januari 2017 en 31 december 2020
→ Nieuwe referentie: mestbankaangifte van maximaal twee jaar vóór of drie jaar na de investering
Andere investeringen tussen 1 januari 2017 en 22 februari 2024
(bijvoorbeeld renovatie of nieuwbouw zonder uitbreiding)
→ Nieuwe referentie: mestbankaangifte van het productiejaar vóór of na de investering (uiterlijk mestbankaangifte 2023)
Voor melkveebedrijven die recent een stal bouwden, moderniseerden of een bedrijf overnamen, kan dit een belangrijk verschil maken in de uiteindelijke PAS-referentie 2030.
2. Overmacht in 2019, 2020 of 2021
Bijvoorbeeld:
- overlijden
- langdurige arbeidsongeschiktheid
- brand
- epizoötie
- andere uitzonderlijke omstandigheden
→ Nieuwe referentie: mestbankaangifte van het productiejaar vóór de overmachtssituatie.
3. Nieuwe vergunning na 1 januari 2022
Bedrijven die voor het eerst vergund werden tussen 1 januari 2022 en 22 februari 2024 en daardoor een gemiddelde veebezetting van nul hadden in 2021, kunnen eveneens een afwijking aanvragen.
→ Nieuwe referentie: vergunde dierplaatsen.
Belangrijke voorwaarden afwijkende referentie
Een afwijking wordt niet automatisch toegekend. Enkele cruciale voorwaarden:
- Per diersoort: de beoordeling gebeurt afzonderlijk voor rundvee, varkens of pluimvee.
- Per exploitatie (vergunning): niet op niveau van de landbouwer.
- Minstens 7% verschil: er moet een verschil zijn van minimaal 7% tussen de ammoniakemissies van de referentiesituatie 2021 en de nieuwe referentie.
- Begrenzing via NER’s: wanneer gewerkt wordt met vergunde dierplaatsen, wordt dit begrensd tot de totale NER’s aanwezig op 1 januari 2024.
Praktisch: hoe en wanneer aanvragen?
De aanvraag verloopt via het online loket van de Commissie Afwijkende PAS-referentiesituatie (CAPAS).
Bij de aanvraag moeten de nodige bewijsstukken en berekeningen worden toegevoegd.
Deadline: 30 september 2026.
Na indiening:
- Binnen 60 dagen volgt een ontwerpbeslissing bij onvolledigheid of afkeuring.
- De aanvrager krijgt vervolgens 30 dagen om bijkomende motivatie of documenten aan te leveren.
- Bij een gunstig advies volgt een definitieve beslissing.
Wat betekent dit concreet voor melkveehouders?
Voor melkveebedrijven die de afgelopen jaren investeerden in:
- staluitbreiding,
- renovatie,
- bedrijfsovername,
- of die te maken kregen met overmacht,
kan de standaardreferentie van 2021 een onderschatting zijn van de structurele capaciteit van het bedrijf.
Indien het verschil in ammoniakemissie minstens 7% bedraagt, kan een aangepaste referentie leiden tot een andere berekening van de PAS-referentie 2030 — en dus tot een gewijzigde reductieverplichting.
Analyseer tijdig uw situatie
Aangezien de aanvraag uiterlijk op 30 september 2026 moet worden ingediend, is het aangewezen om nu al:
- de referentiesituatie 2021 te laten doorrekenen,
- na te gaan of er investeringen of uitzonderlijke omstandigheden in aanmerking komen,
- en het emissieverschil per diersoort te laten berekenen.
Voor sommige melkveebedrijven kan deze afwijkingsprocedure een belangrijke impact hebben op de toekomstige ontwikkelingsruimte.
Meer nieuws?
Je leest hier meer nieuws over wet-en-regelgeving.




