De Belgische rassenlijst 2026 is bekendgemaakt. Na vergelijkende rassenproeven op vijf locaties is eind 2025 één nieuw voederbietras toegelaten: Angelimo. De jaarlijks geactualiseerde rassenlijst helpt landbouwers bij het maken van een doordachte rassenkeuze en vergroot daarmee de kans op een succesvolle teelt.
Voederbieten blijven terrein winnen
Voederbieten zijn de afgelopen tien jaar steeds populairder geworden. In 2024 bedroeg het areaal in Vlaanderen circa 4.400 hectare en in Wallonië ongeveer 1.200 hectare. Die groei is te danken aan de hoge opbrengsten en het energierijke, smakelijke karakter van het gewas. Naast vers vervoederen kunnen voederbieten ook worden ingekuild, bijvoorbeeld samen met maïs, waardoor ze het hele jaar inzetbaar zijn.
Tegelijk blijft aandacht nodig voor bodemgebonden ziekten, met name Rhizoctonia solani, die in onze regio aanzienlijke opbrengstverliezen kan veroorzaken.
Drogestofgehalte bepalend voor gebruik
Het drogestofgehalte van voederbieten verschilt sterk per ras en varieert op de Belgische rassenlijst van circa 14,8 tot 22,6%. Voor vers vervoederen zijn rassen met een lager drogestofgehalte doorgaans geschikter. Voor inkuilen, bijvoorbeeld met maïs of bietenpulp, verdienen rassen met een hoger drogestofgehalte en een hoge drogestofopbrengst de voorkeur.
Bladziekten en Rhizoctonia vragen aandacht
In België komen vooral meeldauw, Cercospora en roest voor. Cercospora veroorzaakt daarbij meestal de grootste economische schade. De rassenlijst werkt met een scoresysteem van 1 tot 9, waarbij hogere scores wijzen op een betere resistentie. Rassen met een goede bladgezondheid dragen bij aan stabielere opbrengsten en een lager gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.
Rhizoctonia kan al vroeg in het seizoen schade veroorzaken en later leiden tot ‘slapende’ bieten of zelfs uitval. Omdat directe bestrijding ontbreekt, blijft preventie cruciaal. Bodemstructuur, waterhuishouding en rassenkeuze spelen daarbij een belangrijke rol. Rhizoctonia-tolerante rassen zijn op besmette percelen vaak de meest effectieve maatregel.
Officieel rassenonderzoek
De rassenproeven worden jaarlijks uitgevoerd door ILVO in Merelbeke en CRA-W in Gembloux, in opdracht van de Technisch Interregionale Werkgroep. Alleen rassen die beter presteren dan het bestaande aanbod worden toegelaten tot de Belgische rassenlijst.
Kenmerken van Angelimo
Angelimo is een diploïde roze voederbiet met een drogestofgehalte van 17,3%. Het ras behaalt een verse opbrengst van circa 108 ton per hectare, goed voor ongeveer 18,6 ton droge stof per hectare. Angelimo scoort gemiddeld voor resistentie tegen meeldauw, Cercospora en roest, maar onderscheidt zich vooral door de hoogste score voor Rhizoctoniatolerantie binnen de proeven.
De aanvraag voor toelating is ingediend door KWS Benelux BV.
In aangepaste vorm overgenomen van: ILVO




