De Vlaamse Landmaatschappij en de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten starten met een project over het efficiënt inrichten en beheren van landbouwwegen. Het project laat de plattelandsgemeente toe om landbouwwegen voor diverse functies zoals landbouw en recreatie veilig en efficiënt in te richten. Met de steun van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) wordt de methodiek de volgende twee jaar op punt gesteld.
Landbouwwegen zijn van kapitaal belang voor plattelandsgemeenten, ze zijn immers de dragers van het platteland. Zowel landbouw als toerisme, twee belangrijke economische sectoren, kunnen niet zonder. De laatste jaren is het gebruik van deze wegen intensiever en meer divers geworden. Dit is het gevolg van meer landbouwverkeer met grotere machines, maar wordt ook veroorzaakt door nieuwe activiteiten: fiets- en wandelroutes, allerlei toeristische netwerken, enz. Veel plattelandsgemeenten stellen zich dan ook de vraag hoe deze landbouwwegen veilig ingericht en efficiënt beheerd kunnen worden.
Het functietoekenningsplan biedt hierop een antwoord. Met deze methodiek kan een gemeente, na een inventarisatie van de landelijke wegen, voor elke landbouwweg de gewenste functie aanduiden: welke gebruikers willen we (als gemeente) hier graag en welke liever niet? Op die manier kan er voor de juiste inrichting van de weg gekozen worden. De Vlaamse Landmaatschappij ontwikkelde dit instrument in een vorig EFRO-project ‘Landbouwwegen in de Westhoek’. Voor een grote groep van Westhoekgemeenten werd toen een fuctietoekenningsplan opgemaakt.
De methodiek zal nu in vier gebieden in Antwerpen, Oost-Vlaanderen en West-Vlaanderen toegepast worden en verder op punt gesteld worden. Het betreft de regio’s Brechtse Heide, Schelde-Leie, Bulskampveld en Zwinstreek. Deze plattelandsregio’s werden gekozen omwille van hun verschillende terreinsituatie (v.b. percentage niet-verharde wegen, nabijheid van steden, nieuwe toeristische ontwikkelingen en ambitieniveaus).
Daarnaast wordt ook becijferd hoeveel middelen gemeenten nodig hebben om, met behulp van het functietoekenningsplan, hun landbouwwegen in te richten en te beheren. Deze financiële analyse wordt gekoppeld aan de bestaande functietoekenningsplannen in de Westhoek en de resultaten worden geëxtrapoleerd naar de rest van Vlaanderen op basis van een inventarisatie van de landelijke wegen. Dergelijke analyse is belangrijk, want enkele tientallen km landbouwwegen kosten al snel honderduizenden euro’s op het gemeentelijk budget.
Een laatste luik van het project is het op punt stellen van een analyse van het landbouwverkeer in twee cases in de Westhoek. In het vorige EFRO-project ‘Landbouwwegen in de Westhoek’ werd de mobiliteitsdruk op landelijke wegen door evoluties in de landbouwsector in kaart gebracht. Nu zal niet alleen het ontsluitend, maar ook het doorgaand landbouwverkeer in beeld gebracht worden. Bovendien worden ook niet-gedigitaliseerde private wegen opgenomen.
Het project loopt van maart 2011 tot maart 2013. Ook andere geïnteresseerde gemeenten krijgen de kans om het functietoekenningsplan te leren kennen. De VVSG organiseert op het einde van het project een reeks vormingssessies. De financiële steun voor dit alles komt van EFRO, de VLM, de VVSG, de provincie West-Vlaanderen en van de afdeling Land en Bodembescherming, Ondergrond, Natuurlijke Rijkdommen (ALBON) van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie.